+32 487 84 65 40 info@nansenrefugee.be

Staatloosheid van Bidun uit Koeweit

De Bidun zijn een staatloze Arabische minderheid in Koeweit die door de autoriteiten in Koeweit als “illegale onderdanen” worden beschouwd. De schendingen van hun burgerlijke, politieke, economische en sociale rechten zijn ernstig, opzettelijk en talrijk. De uitsluiting van hun kinderen van het schoolsysteem is discriminerend.

Lees meer

Wij werven aan!

NANSEN werft een jurist met ervaring in internationale bescherming en mensenrechten aan, contract van bepaalde duur 50% met startdatum op 1 april 2021.

Lees meer

NANSEN Profiel 2020-5 : Bagdad, getrouwde vrouw met kind uit buitenechtelijke relatie

Het is vaak erg moeilijk voor Iraakse vrouwen om een specifiek risico op vervolging aan te tonen. Enerzijds houden de feiten van de vervolging nauw verband met hun status in de Iraakse samenleving in het algemeen. Aan de andere kant gaat het vaak over een risico op toekomstige vervolging. Uit alle beschikbare gegevens blijkt echter dat degenen die de sociaal-culturele verboden trotseren, bij hun terugkeer naar huis worden blootgesteld aan ernstige schendingen van hun grondrechten.

Lees meer

Kwetsbaarheden in detentie en internationale bescherming : Verslag (2019-2020)

NANSEN draagt bij tot de versterking en de volledige toepassing van beschermingsnormen voor personen die internationale bescherming vragen in gesloten centra. Hoe? Door regelmatig gesloten centra te bezoeken, door ervoor te zorgen dat er goede rechtsbijstand beschikbaar is voor gedetineerden en door verzoeken om internationale bescherming te ondersteunen. Hier stellen we onze bevindingen en analyses voor over de detentie van mensen in kwetsbare situaties.

Lees meer

“De Gaza-arresten: beoordeling van de beschermingsnood in conflictsituaties: individualisatie, conflictanalyse en bewijslast”

De arresten van de verenigde kamers van de RvV in de Gazadossiers tonen aan dat de toepassing van mensenrechtenverdragen ertoe kan leiden dat de bescherming onder het vluchtelingenrecht ondermijnd wordt63 en een protection gap gecreëerd wordt door het opleggen van een te hoge bewijslast en het vereisen van een hoge graad van individualisatie, naar analogie met de rechtspraak van het EHRM, die hoger liggen dan bij de beoordeling van de beschermingsnood onder het Vluchtelingenverdrag.

Lees meer

Onze publicaties op categorieën